ᛜ ᚱ ᚨ ᚷ ᚾ ᛜ
SPY · Intraday Themasysteem

Ragnarök

Elke koersbeweging draagt een naam. Drie meetlatten — momentum, tijd en vorm — vertalen SPY naar een noordse mythe, van de eerste rimpeling tot de ondergang zelf.

Ascensie · kalm Daling Alarm · exit Vorm · conditie Ruis

De Staf

Eén meetlat, van piek tot afgrond. Boven klimt de kalme ascensie, in het midden staat de markt stil, onder valt hij weg naar de exit.

Top-risico
Baldr
Steile, zorgeloze stijging — te mooi om te vertrouwen
verticaal · geen terugtest
Stevig ▲
Thor / Odin
Felle stoot omhoog · aanhoudende, beheerste opmars
≥ 0,08%/5m · tempo houdt aan
Mild ▲
Njord / Draupnir
Lichte onderstroom omhoog · stille opbouw
0,03–0,08%/5m
Micro ▲
Vedrfölnir
De havik hoog in de boom — ruis omhoog
0,01–0,03%/5m
Jörmungandr
De slang bijt in zijn staart — range, geen richting. Het stille midden.
Gleipnir · volatiliteit knijpt → breakout nabij Víðarr · zware daling → scherpe ommekeer
Micro ▼
Ratatoskr
De eekhoorn rent op en neer — ruis omlaag
0,01–0,03%/5m
Mild ▼
Rán
De zee zakt zachtjes weg — milde onderstroom
0,03–0,08%/5m
Aanhoudend ▼
Nidhogg / Hel
Trage erosie aan de wortel · beheerste, koude afdaling
tijd-as · 5–20 min
Stevig ▼
Fenrir
De wolf breekt los — daling met momentum
≥ 0,08%/5m · fel
Alarm ▼
Fjalar
De haan kraait — vroeg alarm, een val kan komen
scherpe drop ≥ 0,25–0,30%/5m
Exit ▼
Ragnarök
De ondergang voltrekt zich — harde exit
≥ 0,40% aanhoudend · 20–30 min
I

Momentum-as

Korte termijn. Meet de grootte van een beweging binnen een vast, kort venster — wat er nu gebeurt.

Ratatoskr → Rán▼ omlaag
Micro-ruis en de milde onderstroom omlaag.
TredeDrempel · 5 min
Micro · Ratatoskr0,01 – 0,03%
Mild · Rán0,03 – 0,08%
Vedrfölnir → Njord▲ omhoog
Micro-ruis en de milde onderstroom omhoog.
TredeDrempel · 5 min
Micro · Vedrfölnir0,01 – 0,03%
Mild · Njord0,03 – 0,08%
Fenrir  /  Thor Stevig · meeschalend
Toegangseis = een vast volgehouden tempo van 0,08% / 5 min. De ondergrens schaalt mee met het venster; het plafond blijft 0,5% (daarboven begint zwaar terrein).
VensterBandTempo-ondergrens
5 min0,08 – 0,50%0,08% / 5m
10 min0,16 – 0,50%0,08% / 5m
15 min0,24 – 0,50%0,08% / 5m
20 min0,32 – 0,50%0,08% / 5m

Rechte helling als toegangseis, vast plafond als deksel — hoe langer je meet, hoe smaller de tempo-band en hoe zuiverder de trend.

Fjalar De haan kraait — scherpe drop die een verdere val kán aankondigen. Vroeg alarm, geen bevestiging. ≥ 0,25–0,30% / 5 min
Baldr Stijging die verdacht perfect is — verticaal, zonder terugtest. Top-risico, wijst omlaag. steil · zorgeloos
II

Tijd-as

Lange termijn. Meet niet de grootte maar het volhouden — een bescheiden beweging die gestaag doorzet en niet terugkomt.

Draupnir → Odin▲ opbouw
Stille aanwas (Draupnir) en de sterkere, beheerste opmars (Odin).
VensterDraupnirOdin
5 min0,03–0,050,05–0,08
10 min0,05–0,100,10–0,16
15 min0,08–0,150,15–0,24
20 min0,11–0,200,20–0,32
Nidhogg → Hel▼ erosie
Trage erosie (Nidhogg) en de sterkere, koude afdaling (Hel) — het spiegelbeeld.
VensterNidhoggHel
5 min0,03–0,050,05–0,08
10 min0,05–0,100,10–0,16
15 min0,08–0,150,15–0,24
20 min0,11–0,200,20–0,32
Ragnarök De bevestigde ondergang — een zware daling die over de langere horizon dóórzet. Je harde exit. ≥ 0,40% aanhoudend · 20–30 min

Onderscheid met momentum: Odin en Hel eisen dat het tempo over meerdere blokken wordt volgehouden — anders pakt de korte-termijn-tik (Njord / Fenrir) de beweging.

III

Vorm & Conditie

Richtingloos of omkerend — geen grootte maar een patroon.

Jörmungandr De Midgaardslang omspant de wereld en bijt in zijn staart. Range zonder richting — wachten, geen edge. range · vlak
Gleipnir Het onbreekbare lint dat Fenrir bindt. Volatiliteit knijpt samen — de opgespannen veer vóór een breakout. compressie · breakout nabij
Víðarr De stille wraak. Een zware daling wordt gebroken door een scherpe, beslissende ommekeer — ongeacht het tijdstip. daling → scherpe ommekeer

Escalatie & Voorrang

Elke as loopt van rimpeling naar uiterste. Het alarm kondigt de ondergang aan — precies zoals in de mythe.

Neerwaartse lijn

Ratatoskr Rán Nidhogg/Hel traag· Fenrir fel Fjalar alarm Ragnarök exit

Opwaartse lijn

Vedrfölnir Njord Draupnir/Odin aanhoudend· Thor fel Baldr top-risico

Voorrang bij overlap

  • Fjalar & Ragnarök vóór Fenrir. Het alarm en de exit gaan boven gewoon momentum — in de zone waar ze samenvallen, wint het zwaardere signaal.
  • Momentum (kort) vóór tijd-as (lang). Vuren ze gelijktijdig, dan is de acute beweging leidend; de lange termijn bevestigt.
  • Odin & Hel eisen aanhoudendheid. Alleen als het tempo over meerdere blokken doorzet — anders pakt de korte-termijn-tik de beweging.
  • Grenswaarden horen bij de zwaardere trede. 0,08% = Fenrir / Thor, niet Rán / Njord — zo landt elk randgeval bij precies één thema.

Karakters & Elementen

Zestien namen, elk met een wortel in de mythe en een plek in het systeem. Van de havik hoog in de wereldboom tot de ondergang in zee en vuur.

Micro ▲ · Momentum
Vedrfölnir

De havik die tussen de ogen van de adelaar hoog in Yggdrasil zit, boven de negen werelden. Hij overziet alles maar beweegt nauwelijks. In het systeem is hij de kleinste opwaartse tik — ruisniveau, te klein om op te handelen. De lucht klaart licht op, meer niet.

Mild ▲ · Momentum
Njord

Vanengod van de zee, de wind en de welvaart van zeevaarders; hij brengt de gunstige bries die schepen vooruithelpt. Hier markeert hij de milde onderstroom omhoog (0,03–0,08% / 5 min): de stroming is licht positief. Informatief, nog geen signaal — de wind steekt zachtjes op.

Opbouw ▲ · Tijd
Draupnir

Odins gouden ring die elke negende nacht acht nieuwe ringen laat druppelen: rijkdom die zichzelf stil vermenigvuldigt. In het systeem is hij de trage, gestage opbouw omhoog — geen uitbarsting maar compounding. Waarde die zich langzaam opstapelt zolang het tempo aanhoudt.

Opmars ▲ · Tijd
Odin

De Alvader, heer van wijsheid en gezag; hij offerde een oog en hing negen dagen aan de wereldboom voor kennis. Als thema is hij de beheerste, krachtige opmars — sterker dan Draupnir, maar waardig en aanhoudend in plaats van roekeloos. Een trend met autoriteit die zijn tempo volhoudt.

Stevig ▲ · Momentum
Thor

Dondergod met de hamer Mjölnir, beschermer van goden en mensen. Direct, krachtig, zonder omwegen. Hier is hij de felle opwaartse stoot (≥0,08% / 5 min): momentum dat in een kort venster toeslaat. Geen sluipende opbouw maar een klap omhoog.

Top-risico ▲ · Momentum
Baldr

De mooiste en meest geliefde god, schijnbaar onkwetsbaar — tot de vergeten maretak hem doodt. Zijn kracht is valse zekerheid. In het systeem is hij het top-signaal: een stijging die verdacht perfect is, verticaal en zonder terugtest. Juist wanneer niemand risico ziet, is het risico maximaal.

Micro ▼ · Momentum
Ratatoskr

De eekhoorn die langs Yggdrasil op en neer rent en beledigingen overbrengt tussen de adelaar bovenin en Nidhogg beneden. Constant in beweging, weinig van betekenis. Hier is hij de kleinste daling — ruis, geen signaal. Gebabbel, geen boodschap.

Mild ▼ · Momentum
Rán

De zeegodin die met haar net verdronken zeevaarders naar de diepte trekt — de andere kant van Njords zee. In het systeem is zij de milde daling (0,03–0,08% / 5 min): de onderstroom zakt zachtjes weg. Klein en rustig, geen handelssignaal — alleen toon.

Erosie ▼ · Tijd
Nidhogg

De draak die onafgebroken aan de wortels van Yggdrasil knaagt, diep onder de wereld. Geen klap, maar erosie die maar doorgaat. Als thema is hij de trage, gestage daling omlaag: de steun wordt niet gebroken maar weggevreten. Het spiegelbeeld van Draupnirs opbouw.

Afdaling ▼ · Tijd
Hel

Loki's dochter, heerseres over het gelijknamige dodenrijk; half levend, half lijk. Haar rijk is de afdaling zelf — koud, gestaag, onafwendbaar. In het systeem is zij de sterkere, beheerste daling tussen erosie en losbarsting in: het wegzakken versnelt, maar zonder paniek.

Stevig ▼ · Momentum
Fenrir

De reuzenwolf, geketend met het lint Gleipnir tot hij bij Ragnarök losbreekt en Odin verslindt. Al zijn energie zit opgesloten tot hij losbarst. Hier is hij de felle daling met momentum (≥0,08% / 5 min): het roofdier komt op snelheid — geen sluipen, een aanval.

Alarm ▼ · Momentum
Fjalar

De rode haan die in het reuzenwoud kraait om de reuzen te wekken bij het aanbreken van Ragnarök — het allereerste teken van het einde. In het systeem is hij het vroege alarm: een scherpe drop (≥0,25–0,30% / 5 min) die een verdere val kán aankondigen. Een waarschuwing, geen bevestiging.

Exit ▼ · Tijd
Ragnarök

Het voorbestemde einde: goden en monsters vernietigen elkaar, de wereld verzinkt in zee en vuur en herrijst daarna vernieuwd. Het zwaarste thema, je harde exit: een daling van ≥0,40% die over de langere horizon dóórzet. Niet de schrik van één moment, maar de ondergang die zich voltrekt.

Range · Vorm
Jörmungandr

De Midgaardslang, zo groot dat hij de hele wereld omspant en in zijn eigen staart bijt. Enorme kracht, geen richting. Als thema is hij de range: hoge grens, lage grens, terug naar het midden. Geen edge — wachten tot de slang zijn staart loslaat.

Compressie · Vorm
Gleipnir

Het dunne maar onbreekbare lint waarmee de goden Fenrir bonden, gesmeed uit zes onmogelijke dingen. Alle kracht zit erin opgesloten. In het systeem is hij volatiliteitscompressie: de opgespannen veer vlak vóór een breakout — spanning die zich opbouwt tot iets breekt.

Ommekeer · Vorm
Víðarr

De zwijgende god die de hele Ragnarök niets doet — tot hij op het beslissende moment de muil van Fenrir openscheurt en Odin wreekt. Eén handeling keert de uitkomst. Als thema is hij de scherpe ommekeer: een zware daling die wordt gebroken door een beslissende tegenbeweging.